Amsterdam zal in 2050 zo’n 1.125.000 inwoners tellen, allemaal binnen de bestaande stadsgrenzen. Noord, Zuidoost en Nieuw-West moeten uitgroeien tot nieuwe centra en rondom stations en aan het IJ is ruimte voor hoogbouw.

Door corona is de groei van Amsterdam stil gevallen. Maar als de crisis achter de rug is, zal de stad vanzelf weer aanzwellen, verwacht wethouder Marieke van Doorninck (Ruimtelijke Ordening), die donderdag haar toekomstvisie voor Amsterdam uitbrengt.

“Amsterdam blijft aantrekkelijk, ook na corona,” zegt ze. “Mensen willen hier wonen. Als we hen geen plek bieden, zal de druk op de stad, die nu al groot is, alleen maar toenemen.” En dus zal de stad verder groeien, de komende dertig jaar met 150.000 nieuwe huizen en 250.000 inwoners. Dit betekent dat het inwonertal ergens in de jaren dertig de grens van 1 miljoen overschrijdt en in 2050 uitkomt op meer dan 1,1 miljoen.

De afgelopen jaren is Amsterdam overvallen door de snelle groei. Tien jaar geleden voorspelde het toenmalige gemeentebestuur dat Amsterdam in 2040 zo’n 860.000 inwoners zou tellen, een aantal dat al in 2019 is bereikt. “We waren de grip op de groei kwijt, we konden het niet bijbenen,” zegt Van Doorninck.

Groei is geen doel op zich, maar biedt volgens de wethouder wel kansen. “De toename van het aantal inwoners zorgt er voor dat we voorzieningen in stand kunnen houden, want hoe meer mensen, hoe groter het gebruik daarvan. Als we ervoor zouden kiezen om al die nieuwe mensen te spreiden over de regio, dan versnippert de boel en is de bevolkingsdichtheid te gering voor goede voorzieningen. En dan raken we ook het groen om de stad kwijt.”

Verbindingen over het IJ

De lokale overheid moet regulerend optreden, vindt Van Doorninck, om te voorkomen dat de bevolkingsgroei de druk op de stad en de huizenmarkt net zo opvoert als in de afgelopen jaren. “We moeten de grip terugpakken, door betaalbare woningen te bouwen en voorrang te verlenen aan buurtbewoners, zoals we in Zuidoost gaan doen. De afgelopen jaren hebben we veel woningen gebouwd, maar te weinig voorzieningen aangelegd. Daarom gaan we aan de slag met verbindingen over het IJ en met verbetering van het openbaar vervoer.”

Amsterdam gaat verder als internationale stad, die bedrijven en werknemers uit het buitenland trekt. Hiermee blijft de voornaamste motor achter de bevolkingsgroei intact: de komst van expats. Daarnaast wil de gemeente meer ruimte bieden aan gezinnen en middengroepen, die nu in groten getale de stad verlaten.

De UvA en de VU hebben onlangs scenario’s ontwikkeld voor de toekomst van Amsterdam. waarin naar voren kwam dat een internationale stad, met veel buitenlandse bedrijven en werknemers niet samengaat met een betaalbare woningmarkt en behoud van de middeninkomens. Van Doorninck ziet dat anders. “Wij denken dat het mogelijk is een internationale stad te zijn, met goede voorzieningen in de wijken en plek voor gezinnen en middengroepen. Amsterdam is onderdeel van een groter geheel en expats geven ook kleur aan de stad. Tegelijkertijd willen we buurten herwaarderen, met lokale ondernemers. Corona heeft duidelijk gemaakt hoe belangrijk die zijn voor de stad, de inwoners en ook voor expats. Die willen zich ook thuis voelen in de buurt.”

Hoogbouw

Van Doorninck denkt dat Amsterdam de groei van het aantal inwoners en woningen kan opvangen binnen de bestaande stadsgrenzen en met respect voor landelijk Noord. Dit betekent wel dat Amsterdam zal ‘verdichten’; de nieuwbouw verrijst binnen de bestaande stad. Amsterdam zal ook de hoogte ingaan: rondom stations is hoogbouw van meer dan zeventig meter mogelijk, net als aan de IJ-oevers in Noord.

Temidden van al deze nieuwbouw is volgens de wethouder voldoende ruimte voor groen, in de vorm van een aantal nieuwe parken, maar ook op daken en in de straten, waar de auto plaats zal maken. “Als je de hoek omgaat, moet je groen zien, al is het maar een veldje. We leggen extra parken aan, de een groter dan de ander. Daarnaast zullen we heel veel openbare ruimte, die nu nog wat stenig is, groener maken.”

Meer centra

Uit de Omgevingsvisie, waarin de langetermijnvisie is vervat, blijkt dat Amsterdam in 2050 uit meer centra zal bestaan. Naast de binnenstad en de kleinere uitgaansgebieden in West, Zuid en Oost, zullen ook het Buikslotermeerplein in Noord, het Osdorpplein in Nieuw-West en de Amsterdamse Poort in Zuidoost uitgroeien tot plekken waar mensen wonen, winkelen en uitgaan. Dit betekent dat daar meer woningen en culturele voorzieningen moeten verrijzen.

Naast het Osdorpplein staat al de Meervaart. De Lelylaan, nu een autoweg vanuit het centrum naar Nieuw-West, zal veranderen in een ‘stadslaan’. Daarin is minder ruimte voor auto’s, waardoor mensen direct aan de laan kunnen wonen. “Op die manier worden deze gebieden stedelijker.” De grotere toegangswegen naar Nieuw-West en Zuidoost zullen een soortgelijke transformatie ondergaan.

De groei en de toenemende populariteit blijven niet beperkt tot Amsterdam. De gehele regio, van de Beemster tot Haarlemmermeer en van Velsen tot Lelystad, zal tot 2050 groeien van 2,5 naar 3 miljoen inwoners. Het openbaar vervoer tussen de gemeenten moet beter, bijvoorbeeld door de Noord/Zuidlijn door te trekken naar Hoofddorp, met een tussenstop in Schiphol.

Parool,